Het Hof van Beroep van Gent aanvaardt de bezoldigingstheorie in deze, aangezien uit het geheel van feiten overeenstemmend volgde dat de begunstigde van het voordeel van alle aard de enige winstmotor was van de vennootschap die prachtige omzetten en winsten draaide. Dit was evenwel niet het enige argument, aangezien uit het geheel der feiten bleek dat de doelstelling van de vergoeding in natura wel degelijk gewenst was. Het feit dat dit pas in de notulen van de jaarvergadering is opgenomen, vormt geen enkel probleem.

Voorts aanvaardt het Hof ook de kwalificatie als lusthuis, maar aanvaardt ze niettemin de kosten van aftrek aangezien er wel degelijk een voordeel van alle aard wordt aangerekend en dit niet in verhouding hoeft te staan tot de kosten.

Tot slot wordt eveneens bevestigd dat de wanverhouding tussen het fiscale voordeel ten private titel (voordeel van alle aard) en de werkelijke kosten een bewuste keuze is van de wetgever omwille van de forfaitarisering, die niet ten kwade kan worden geduid van de belastingplichtige.

(Hof van Beroep Gent, 5de kamer, rol nr. 2023/AR/525 dd. 24.09.2024)


0 reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *